Het schorremorrie onder de chauffeurs maakt de dienst uit…

"Gijzelaars van de taximaffia"

 

AMSTERDAM, zaterdag -  Niet alleen de passagier maar ook de overheid is gijzelaar van vrijgevochten taxichauffeurs, die een loopje nemen met de (fatsoens)regels. Wordt hun taxivergunning ingenomen, dan vallen zij terug op een uitkering. Hoe dan ook: zij hebben ons altijd bij de neus. Uit de honderden reacties op deze rubriek van vorige week blijkt dat ’t met het taxiwezen nog veel erger is dan ik al dacht.

4 Geen Nederlander of buitenlander lijkt nog blij te zijn met de huidige ontwikkelingen in de Taxiwereld...
Foto: Foto: Ronald Bakker

Een groot aantal taxichauffeurs zat eerst in de steun en is door de sociale dienst, vaak ook door de reclassering, aan een taxivergunning geholpen. Dat mailt mij menig taxibedrijf in antwoord op mijn vraag over het schorremorrie van de taxi: onbehouwen chauffeurs, die korte ritten steevast weigeren, eruitzien als landlopers maar de weg niet weten, onderweg gaan zitten bellen, veel te hard rijden en vooral buitenlandse passagiers bijna standaard een poot uitdraaien.

Het vrijgeven van de taximarkt door de overheid begin deze eeuw leidde tot een toestroom van vele duizenden, van oorsprong buitenlandse chauffeurs, die vaak niet eens Nederlands spreken of verstaan en nauwelijks de weg kennen. Veel fatsoenlijke, hulpvaardige taxichauffeurs gaven er de brui aan, ook al omdat hun duurbetaalde vergunning van het ene moment op het andere geen enkele verkoopwaarde meer had. Met lede ogen zien oudere taxichauffeurs hun prachtige bedrijfstak naar de verdoemenis gaan.

Voor het Centraal Station in Amsterdam, zo bevestigde mij menige chauffeur, maakt het schorremorrie de dienst uit, onder het motto: stuur mij anders maar terug naar de sociale dienst! Hier wordt nauwelijks – zeg eigenlijk maar: niet – tegen opgetreden.

Ook verscheidene hotels spelen een rol in de taximaffia, zo melden mij diverse goedwillende chauffeurs. De naam van het Eden Hotel valt daarbij herhaaldelijk. „Hier rekent de portier klanten die naar Schiphol willen tien euro, maar hij duwt ze vervolgens met acht man in een busje. Veertig euro voor de chauffeur en veertig euro voor de portier!”

Dat krijg je, als de taxi het laat afweten en er nauwelijks controle is.

Er blijken in onze hoofdstad ook volop hotels te zijn waar de taxichauffeur de portier tien euro moet betalen voor elk ritje naar Schiphol.

„In Volendam rijden in het weekeinde taxi’s uit Amsterdam en zelfs uit Den Haag om de lokale bevolking te bestelen”, zo mailt mij een taxiondernemer uit deze regio. „Mijn tip is: neem altijd een taxi via de centrale, noteer het nummer en vraag een kwitantie. Stap nooit zomaar in bij het station, want je wordt geheid in de maling genomen”, mailt mij een gepensioneerde Haagse taxichauffeur.

Veel lezers wijzen mij erop dat taxi’s veel goedkoper zouden kunnen, zoals bijvoorbeeld in New York, als de chauffeurs niet in zulke luxewagens zouden rijden en bijvoorbeeld samen een goed standaardmodel zouden inkopen.

Overigens blijkt uit veel lezersverhalen dat het met de taxi’s in andere hoeken van de wereld nauwelijks beter is. Alleen in landen waar strenge toelatingseisen, examens en taxiwetten gelden, waarop bovendien scherp wordt toegezien, is het taxivervoer betrouwbaar. Het blijft alom oppassen geblazen: bij aankomst in een vreemd land nooit zomaar in de eerste de beste taxi stappen, altijd even vooraf informeren op het vliegveld en goed kijken of het een officiële taxi betreft.

Ook altijd vóóraf vragen wat het gaat kosten (in elk hotel kunnen ze je ook aan de receptie vertellen wat een taxi naar het vliegveld ongeveer kost), het nummer noteren van de taxi en voor het uitstappen altijd een bonnetje vragen. Anders is er, zoals dat heet, géén verhaal mogelijk.

Bron: De Telegraaf